Wat is de leidraad?

De leidraad is een afgesproken hulpmiddel dat ondersteunt bij het concretiseren van de klimaatambities en het beoordelen van de gebiedsontwikkeling op de klimaatthema’s. Met de leidraad is er een uitgewerkte en eenduidige structuur om aan de klimaatopgave invulling te geven, ondanks de verscheidenheid in projecten.

In de leidraad worden de thema’s inhoudelijk uitgewerkt.
De thema’s zijn verbonden door de vaste stappen in het proces:

1. Inventariseren & selecteren

Bespreek en verken wat er al is en selecteer de thema’s die relevant zijn.

2. Vastleggen in eisen

Leg voor de geselecteerde thema’s eisen vast.

3. Beoordelen

Beoordeel de ontwerpen met gekozen methodes.

Wateroverlast

Onder wateroverlast verstaan we de overlast die optreedt als gevolg van (extreme) neerslag. Er zijn meerdere factoren die samen kunnen zorgen voor deze wateroverlast. Allereerst is de intensiteit en duur van de neerslag van grote invloed op het risico op overlast. De neerslag valt op daken, tuinen, wegen en de publieke buitenruimte. De wijze en mate waarop deze verschillende oppervlakken het water opnemen of laten doorstromen is een tweede belangrijke factor. Tot slot zijn er nog de riolering en het oppervlaktewater die water van het maaiveld kunnen vasthouden, bergen en afvoeren. Het samenspel van voornamelijk deze drie factoren bepaalt in hoeverre een omgeving klimaatbestendig is.

Stakeholders

Voor het thema wateroverlast dienen de ruimtelijk ontwikkelaars bij gemeentes, bedrijven, burgers, projectontwikkelaars, stedenbouwers en het waterschap betrokken te worden. Zij hebben invloed opde invulling van het publieke en privatebuitenterrein. Met het waterschap en de gemeente moeten afspraken worden gemaakt over de capaciteiten van de riolering en het oppervlaktewater. Het waterschap heeft vaak een goed beeld van het functioneren van het watersysteem en welke kansen en/of knelpunten dit heeft.
 

Analyse huidige situatie

De volgende zaken dien te worden geïnventariseerd en geanalyseerd:

  • Bepaal huidige risico voor wateroverlast.
  • Bepaal functie specifiek risico voor wateroverlast. Denk hierbij aan wegen die onbegaanbaar worden, schade aan woningen en het gevaar voor kritische voorzieningen.

Informatiebronnen zijn:

  • Klimaatatlas Zuid-Holland
  • Kwetsbaarheden kaarten (afgeleide kaart op wateroverlastkaart)
  • Klimaateffectatlas
  • Watersysteemanalyses – op te vragen bij het waterschap
  • Uitkomsten stresstest gemeente – op te vragen bij de betreffende gemeente

Op nieuwbouwlocaties kan de algemene hoogteligging (uit de AHN) ten opzichte van de omgeving inzicht geven in eventuele toekomstige wateroverlast als het gebied niet of minimaal wordt opgehoogd. Als de ontwikkellocatie laag ligt ten opzichte van het omliggende gebied, kan het regenwater naar de ontwikkellocatie stromen.
 

Verkenning bestaande ambities, wet en regelgeving

Verken welke (wettelijke) beleids- of planambities er al bestaan op gemeentelijk, provinciaal, waterschaps, of landelijk niveau. Hiervoor kan het gemeentelijk rioleringsplan, de omgevingsvisie, het waterbeheerprogramma en/of de klimaatadaptatiestrategie van de gemeente en/of waterschap geraadpleegd worden.
 

Selecteren

Voor het selecteren moet gekeken worden naar de relevantie van het thema en de raakvlakken. Als er geen ambities bekend zijn of vastgesteld, of als de gebiedsontwikkeling weinig effect heeft of kan hebben op het thema moet overwogen worden dat thema achterwege gelaten kan worden. Daarentegen kan het gewenst zijn vanwege raakvlakken om bepaalde delen van het thema wel aan bod te laten komen in een gebiedsontwikkeling. Als het thema niet geselecteerd wordt, leg deze keuze dan goed onderbouwd vast. Als het thema geselecteerd wordt, formuleer dan de eisen duidelijk en vroegtijdig.

Het is aan de initiatiefnemer eisen te formuleren gericht op maatregelen of effect. Het gebruik van de eis voor opvang regenwater is een eenvoudige maatregel eis en wordt aanbevolen. Het gebruik van alleen deze eis is echter geen garantie voor klimaatbestendig ontwerp van een plangebied of gebouw. Om dat wel te garanderen is een effects-eis voor wateroverlast nodig.
 

Eisen gericht op maatregelen

Een eis gericht op maatregelen is bijvoorbeeld het afspreken hoeveel regenwater op eigen perceel moet worden opgevangen. Een optie voor een maatlat voor de opvang van regenwater is het aantal millimeter neerslag dat op eigen perceel kan worden geborgen bij een extreme bui. Afhankelijk van de situatie en de ernst van de (verwachte) problematiek zal een keuze gemaakt moeten worden wat als grens wordt gesteld.
De eis uit het Programma van Eisen gericht op maatregelen is:
 

 

Eisen gericht op gewenste effect: geen tot minder wateroverlast

Een eis gericht op het gewenste effect is gericht op een goed functionerend watersysteem waar geen wateroverlast voorkomt. De definitie van wateroverlast is bepalend en kan verschillen per functie. Definities zijn bijvoorbeeld regenwater dat het gebouw instroomt, wegen die door overtollig regenwater onbegaanbaar worden, of parkeergelegenheden die onder water lopen.

De volgende definities van wateroverlast zijn te overwegen:

  • Gebouw: bepalen kritische hoogte van de plek waar water naar binnen kan stromen. Dat is de drempelhoogte van deuren, hoogte van de inrit of de hoogte van een kelderraam.
  • Weg of parkeerplaats: de waterdiepte waarbij een weg of parkeerplaats niet meer begaanbaar is (> 20 cm).

De kans dat wateroverlast optreedt is een goede maatlat om je ambitie vast te leggen in een eis. In de stresstest handreiking van het DPRA zijn de maatgevende buien gespecificeerd die horen bij afgesproken terugkeertijden:

  • Vrijwel uitgesloten (≤ 1:1000 jaar)
  • Klein (≤ 1:100 jaar)
  • Mogelijk (≤ 1:20 jaar)
  • Waarschijnlijk (≤ 1:10 jaar)
  • Groot (> 1:10 jaar)

Met de definitie en een maatlat wordt een eis geformuleerd hoe vaak en hoe lang wateroverlast op mag treden bij (verschillende functies binnen) een bepaalde gebiedsontwikkeling.

Beoordelen op maatregelen

Naast alleen het plangebied te beoordelen op wateroverlast, kan de opdrachtgever ook een aanvullende eis opnemen ten aanzien van wateroverlast. Het gaat hierbij om afwenteling van regenwater naar aangrenzend gebied. Deze eis kan worden opgenomen als aanvullende eis. Bijvoorbeeld door te stellen dat maximaal 20% van de neerslag die jaarlijks in het plangebied valt, afgevoerd mag worden naar het omliggende gebied. De rest van de neerslag moet in het plangebied worden vastgehouden.

Als de maatlat voor de opvang van regenwater is vastgesteld (een minimum millimeter berging op het perceel) dan kan vrij eenvoudig worden beoordeeld of het ontwerp of plan voldoet aan de gekozen grenswaarde. Daarbij wordt het aantal kubieke meters berging op het dak, onder de grond, op het maaiveld, in de bodem en in speciale bergingsvoorzieningen bij elkaar opgeteld en gedeeld door het perceel oppervlak. Er zijn diverse online tools beschikbaar die dit proces ondersteunen, maar het is ook mogelijk om zelf in bijvoorbeeld Excel de beoordeling uit te voeren.

Houdt bij het stellen van de eisen rekening met de volgende aannames:

  • Vaak wordt aangenomen dat het regenwater de bergingsvoorziening ook daadwerkelijk kan bereiken. Dat hoeft in werkelijkheid niet altijd het geval te zijn en bij twijfel moet alleen de benutbare berging in rekening worden gebracht.
  • Aangenomen wordt dat de bergingsvoorzieningen leeg zijn voor de bui, met andere woorden dat deze volledig kan worden benut. Wanneer twee buien elkaar snel opvolgen kan het zijn dat de berging nog niet leeg is.

 

Beoordelen op het gewenste effect

Om een ontwerp of plan te beoordelen op het effect is een meer complexe berekening nodig dan die voor de toetsing aan waterberging. Voor wateroverlast moet opnieuw een watersysteemanalyse of stresstest worden uitgevoerd, conform de richtlijnen van het DPRA.

Aandachtspunten zijn:

  • De te hanteren maatgevende bui is afhankelijk van de gekozen grenswaarde.
  • In het model moet een groter gebied dan alleen het plangebied of het perceel worden beschouwd. Dat komt doordat water uit de omgeving het plangebied/perceel kan instromen en andersom water ook het plangebied/perceel kan uitstromen.
  • Feitelijk moet het hele “afstroomgebied” waarvan het plangebied of perceel deel van uitmaakt in het model worden opgenomen. De grenzen van het stroomgebied zijn afhankelijk van de lokale situatie en hoogteverschillen.
  • Het uitvoeren van een beoordeling op effect wateroverlast vraagt deskundigheid en een geschikt rekeninstrument.
  • Het berekenen van de wateroverlast vraagt om een hydraulische berekening, maar daarna is een verdere analyse nodig om vast te stellen of water ook daadwerkelijk tot overlast leidt (het een gebouw binnenstroomt en/of wegen en parkeergelegenheden onbegaanbaar maakt).

Als het ontwerp niet voldoet zijn aanpassingen nodig. Dat kunnen zijn aanpassingen aan het gebouw of weg zelf om de kritische hoogte te verhogen en/of aanpassingen aan de omgeving. Door meer voorzieningen aan te leggen, zoals doorlatende verharding of meer waterberging zal de maximale waterhoogte afnemen. Beide type maatregelen leiden tot een meer klimaatbestendig ontwerp.

Download de leidraad

De leidraad bestaat uit twee delen. Het eerste deel beschrijft per thema welke stappen genomen moeten worden om de ambities vast te leggen in eisen en te beoordelen. Het tweede geeft meer context aan en toelichting op het geheel.

Download Leidraad Download Infographic

Van initiatief tot uitvoering

Het stappenplan helpt u stap voor stap van initiatieffase tot uitvoering om uw ambities werkelijkheid te laten worden.

Heeft u suggesties voor deze website?

Stuur een e-mail