Wat is de leidraad?

De leidraad is een afgesproken hulpmiddel dat ondersteunt bij het concretiseren van de klimaatambities en het beoordelen van de gebiedsontwikkeling op de klimaatthema’s. Met de leidraad is er een uitgewerkte en eenduidige structuur om aan de klimaatopgave invulling te geven, ondanks de verscheidenheid in projecten.

In de leidraad worden de thema’s inhoudelijk uitgewerkt.
De thema’s zijn verbonden door de vaste stappen in het proces:

1. Inventariseren & selecteren

Bespreek en verken wat er al is en selecteer de thema’s die relevant zijn.

2. Vastleggen in eisen

Leg voor de geselecteerde thema’s eisen vast.

3. Beoordelen

Beoordeel de ontwerpen met gekozen methodes.

Biodiversiteit

Het ondersteunen en stimuleren van biodiversiteit is gericht op het creëren van geschikte habitats voor specifieke soorten in samenhang met de (bestaande) groen/blauwe omgeving en netwerken.

Inventarisatie stakeholders

Beheerders van lokale natuurgebieden, natuurverenigingen, gemeente, provincie en het waterschap, zijn de belangrijke stakeholders die betrokken dienen te worden bij het inventariseren van ambities en het formuleren van passende eisen. Met name de beheerders en natuurverenigingen hebben vaak een goed idee van de aanwezige soorten in het gebied en kunnen daarmee een rol spelen in het inzichtelijk maken van de natuurwaarde in de huidige situatie van het projectgebied en directe omgeving.
 

Analyse huidige situatie

De volgende zaken dien te worden geïnventariseerd en geanalyseerd:

  • De aanwezige beschermde soorten, typische soorten en icoonsoorten in het te ontwikkelen gebied. Informatiebronnen zijn waarneming.nl, NDFF.nl, IVN, Zuid-Hollands Landschap, SBB en Natuurmonumenten.
  • Het functioneren van het (stedelijk) landschap in samenhang met de natuur (eten, voeden, voortplanten, schuilen of doortrekken) en natuurnetwerken (Natuur Netwerk Nederland (NNN)).
  • Het potentieel voor flora en fauna. Brengt dit in beeld, gebaseerd op de gebiedskenmerken. Een ecoloog of ecologisch bureau kan hierbij ondersteunen.

 

Verkenning bestaande ambities, wet- en regelgeving

Bestaande ambities ten aanzien van biodiversiteit zijn te vinden in de groenvisie, structuurvisie of omgevingsvisie van provincie of gemeente. Dit kan sturend zijn. Hierbij aansluiten zorgt ervoor dat de biodiversiteitsmaatregelen in het plan een groter effect hebben. Vul de bestaande ambities aan met nieuwe ambities uit risicodialogen die gevoerd worden vanuit het DPRA of vanuit de gebiedsontwikkeling zelf.

Er is verschillende (verplichtende) wet- en regelgeving voor biodiversiteit waar rekening mee moet worden gehouden, ook in het kader van vergunningverlening. Indien niet aan wet- en regelgeving wordt voldaan bestaat er de kans dat het project op de voorgestelde locatie niet door kan gaan of dat extra kosten gemaakt moeten worden voor het nemen van compenserende of mitigerende maatregelen. De belangrijkste zijn: de Wet natuurbescherming (Wnb), de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW) en wet- en regelgeving voor beschermde soorten en natuurgebieden, het Natuur Netwerk Nederland (NNN) en Natura 2000 (N2000) gebieden.
 

Selecteren

Voor het selecteren moet gekeken worden naar de relevantie van het thema en de raakvlakken. Als er geen ambities bekend zijn of vastgesteld, of als de gebiedsontwikkeling weinig effect heeft of kan hebben op het thema moet overwogen worden dat thema achterwege gelaten kan worden. Daarentegen kan het gewenst zijn vanwege raakvlakken om bepaalde delen van het thema wel aan bod te laten komen in een gebiedsontwikkeling. Als het thema niet geselecteerd wordt, leg deze keuze dan goed onderbouwd vast. Als het thema geselecteerd wordt, formuleer dan de eisen duidelijk en vroegtijdig.

Besluit (eventueel samen) met de stakeholders en verzamelde informatie uit stap 1 wat er met de natuur gaat gebeuren in het project en hoe wordt voldaan aan wet- en regelgeving. Wordt de bestaande natuurwaarde behouden of wordt de biodiversiteit juist verhoogd? Waar komt de focus op te liggen, op waternatuur/landnatuur of op een specifieke soort (doelsoorten), etc.? Stel realistische doelen die passen bij het (toekomstige) systeem.

Biodiversiteitseisen moeten zorgen voor een ‘hoogwaardige’ habitat. Dat zijn eisen waar men redelijkerwijs op het perceel of met behulp van de directe omgeving aan moet voldoen. Het omvat alle aspecten van de ontwikkeling van een soort die lokaal gerealiseerd kunnen worden: voortplanting en verspreiding (genenpool), verblijfplaats, foerageergebied en rustgebied. Samengevat in de 4 v’s: Voedsel, Veiligheid, Voortplantingsmogelijkheden en Variatie.

Schaal speelt een belangrijke rol bij natuurontwikkeling. Bij kleinschalige ontwikkelingen past sturen op kleinschalige oplossingen in de vorm van soortgerichte maatregelen. Bij grote ontwikkelingen ontstaat er ruimte voor het sturen op een groter effect, zoals toename biodiversiteit en verbetering van ecosysteemdiensten en ecologische verbindingen met de omgeving .
 

 

Eisen gericht op maatregelen

Deze eisen zijn gericht op het nemen van concrete maatregelen om tot een ‘hoogwaardige’ habitat te komen. Bepaal voor Voedsel, Veiligheid, Voortplantingsmogelijkheden en Variatie de eisen die worden gesteld. Ter illustratie (zie ook Figuur 2): op het niveau van de wijk kunnen eisen worden gesteld om verbindingen te maken met natuur in de omgeving. Op het schaalniveau van tuinen en park kan men denken aan eisen wat betreft de natuurlijke inrichting, zoals waterpartijen, natuurvriendelijke oevers, bloemrijke graslanden en struweel of bos. Op het schaalniveau van een woning kunnen eisen worden gesteld voor nestgelegenheid, groendaken en tuinen. Of nog een stap nog concreter door een mussenkast, bijenhotel, waterschaal, of egel suite voor te schrijven. Deze maatregelen zijn gericht op een of meerdere specifieke soorten.
 

Eisen gericht op het gewenste effect

In Programma van Eisen van de provincie Zuid-Holland is de volgende eis benoemd gericht op het gewenst effect om de groenblauwe structuur en biodiversiteit te versterken.
 

 
Het aantal soorten (1-3) varieert met de schaal van het project. Raadpleeg het programma van eisen voor toelichting. Zie daarnaast Tabel 5voor een aantal voorbeelden van maatregel- en effecteisen.

Bij het formuleren van de eisen en het stellen van de maatlat dienen ook de consequenties in beeld te worden gebracht. Een heel belangrijke consequentie bij biodiversiteit is het beheer en onderhoud en bij wie dit belegd wordt. Inrichting en beheer dienen integraal opgepakt te worden.

Ook dientde afstemming tussen ecosysteemdiensten en natuurambities in de gaten te worden gehouden. De focus ligt op klimaatadaptatie (verkoeling, waterberging, …), maar probeer daarbij zoveel mogelijk andere baten mee te ontwikkelen (inzet van groen voor waardevermeerdering huizen, recreatie, waterzuivering, educatie, etc.). Een tool als TEEB-stad kan helpen om baten inzichtelijk te maken.

Van de ontwikkelaar wordt verwacht om een beschrijving op te leveren hoe met het bouwplan de eisen voor een hoogwaardig habitat worden behouden en/of gerealiseerd. Dit plan kan worden beoordeeld door een specialist.

Hierbij dient te worden aangetoond dat de voor die locatie relevante natuurwet- en regelgeving zijn mee genomen en aan wordt voldaan.
 

Beoordelen op maatregelen

Het beoordelen van eisen op maatregelen is mogelijk door gebruik te maken van een puntensysteem op maat waarop gescoord kan worden. Stel vast of het aantal punten en de bijbehorende voorwaarden zijn behaald. Deze scores kunnen vooraf kenbaar gemaakt worden binnen een aanbesteding. Twee mogelijkheden zijn beschreven:

Een puntensysteem voor groen- en natuurinclusief bouwen

De essentie van het puntensysteem is dat de architect/ontwikkelaar een lijst met maatregelen ontvangt waarbij elke maatregel 1, 2 of 3 punten waard is. Afhankelijk van de omvang van het bouwproject en de ligging van het bouwproject in de stad wordt een te behalen puntenscore voorgeschreven. De architect/ontwikkelaar heeft daarbij de vrijheid om een eigen mix van maatregelen te kiezen

Meetlat Biodiversiteit

In de meetlat worden punten toegekend aan vier indicatoren. Alle punten van de indicatoren bij elkaar opgeteld resulteert in een getal dat de biodiversiteit van een bepaald terrein uitdrukt, ook weer afgezet tegen het maximaal aantal te behalen punten. Per indicator kun je vervolgens bepalen met welke concrete ontwerp-, beheer- en onderhoudsmaatregelen je de biodiversiteit van het object zou kunnen verhogen.

Bij specifieke maatregelen op het gebied van biodiversiteit kan een specialist beoordelen of aan de gestelde eis is voldaan.
 

Beoordelen op het gewenste effect

Beoordelen op effect is mogelijk met de volgende methoden.

Ecologische sleutelfactoren

(STOWA)
De ‘ecologische sleutelfactoren’ zijn een handvat voor het maken van (ecologische) watersysteem- analyses. Ze geven een antwoord op de vragen: ‘waarom is het zoals het is?’ en ‘wat moeten we doen om verbetering te bewerkstelligen?’. Ze vormen zo een goede aanvulling op de kennis en methoden die er zijn om de ecologische toestand in beeld te brengen.

TEEB-stad (RIVM)

TEEB stad bepaald de baten van water en groen in de stad aan de hand van algemene kengetallen door zelf maatregelen in te vullen. Zo worden het effect en de waarde in euro’s van ecosysteemdiensten inzichtelijk gemaakt en vergeleken in verschillende scenario’s.

Maatwerk beoordeling

Samen met een specialist kan ook voor het project een maatwerk beoordeling worden gemaakt.
 

Download de leidraad

De leidraad bestaat uit twee delen. Het eerste deel beschrijft per thema welke stappen genomen moeten worden om de ambities vast te leggen in eisen en te beoordelen. Het tweede geeft meer context aan en toelichting op het geheel.

Download Leidraad Download Infographic

Van initiatief tot uitvoering

Het stappenplan helpt u stap voor stap van initiatieffase tot uitvoering om uw ambities werkelijkheid te laten worden.

Heeft u suggesties voor deze website?

Stuur een e-mail